Poesiealbum van een joods meisje

75 jaar vrijheid op Scheveningen

Het poesiealbum van Rachel Dessaur

De familie Dessaur-Vleeschhouwer

Op de Jacob Pronkstraat 100 in Scheveningen woonde in 1942 de familie Dessaur- Vleeschhouwer. Elkan en Keetje woonden daar met hun drie kinderen, Rachel, Simon en Aaron. De namen doen misschien als vermoeden dat de familie Dessaur Joods was.

Foto: Jacob Pronkstraat gezien vanaf de Kompasstraat in de richting van de Duinstraat. Foto door Dienst Stadsontwikkeling en Volkshuisvesting, december 1945. Collectie Haags Gemeentearchief.

Over Rachel Dessaur

In 1942 kreeg de oudste dochter, Rachel, een poesiealbum. Haar familie en enkele bekenden hebben hier in de zomermaanden van 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog, ontroerende gedichtjes geschreven voor Rachel. Haar dierbaren noemden haar veelal liefkozend Chellie of Cellie.

Werkkamp Ybenheer

Vader Elkan en vermoedelijk oom Simon Vleeschhouwer schrijven hun gedichtjes vanuit Ybenheer, een werkkamp in het Friese Fochteloo.

Kamp Ybenheer werd in 1940 door de Duitse bezetter in gebruik genomen. De bedoeling was om werklozen die arbeid in Duitsland weigerden of hun werk in Duitsland verlieten, in dit soort kampen zo hard aan te pakken dat ze toch maar voor werk in Duitsland kozen. Vanaf het voorjaar van 1942 is het kamp in gebruik genomen voor Joodse mannen, die door Duitse maatregelen werkeloos waren geworden. Zij moesten zich melden in dit of een vergelijkbaar kamp. Hier moesten zij ontginningswerk verrichten op een hongerdieet.

Foto’s: Werkkamp Ybenheer te Fochtelo

Het poesiealbum

Hoe het poesiealbum van Rachel in 1942 tussen Scheveningen en Fochteloo heeft gereisd weten we niet. Het spreekt wel tot de verbeelding dat Simon Vleeschhouwer op 30 juli 1942 schrijft: Al moet ’t vanuit Ybenheer gaan, mijn naam zal in dit album staan. Het bijzondere aan de gedichtjes voor Rachel is dat er veel hoop en liefde uitspreekt in bange en onzekere tijden. Rachel heeft in haar album pagina’s gereserveerd voor oma en verschillende tantes en ooms. Deze pagina’s zijn echter leeg. Het laatste gedichtje is van 5 augustus 1942 te Scheveningen.

Familie Roeleveld

Na 5 augustus 1942 heeft Cellie haar poesiealbum afgegeven bij de familie Roeleveld die aan de Jacob Pronkstraat 84 woonden. Ze vroeg Pieter Roeleveld om het album in bewaring te nemen tot ze na de oorlog terug kwam.

Auschwitz

Moeder Keetje en haar drie kinderen zijn vanuit Scheveningen, zoals veel Joodse mensen,  gedeporteerd naar concentratiekamp Auschwitz. Op 26 augustus 1942 kwamen ze daar om het leven. Op 30 september van dat jaar eindigde ook het leven van vader Elkan aldaar. Rachel heeft haar album nooit meer kunnen ophalen, ze mocht slechts 14 jaar oud worden.

Teken van hoop

Vorig jaar mei werd dit poesiealbum geschonken aan Muzee Scheveningen. Het is alle jaren vol zorg bewaard door de familie Roeleveld, waarna het nu terug is op Scheveningen waar het ruim 75 jaar geleden ter bewaring werd afgegeven. Dit bijzondere tijdsdocument toont de angst, strijd, wanhoop en liefde van de familie Dessaur in bange tijden. Het feit dat een Joods meisje van 14 jaar in 1942 een poesiealbum begint betuigt van hoop en vertrouwen, iets dat essentieel is in crisistijden.

Blader door het hele poeziealbum